Publieke financiering 2029

Waardering van organisaties

Wanneer kinderopvangorganisaties worden verkocht of overgenomen, wordt de waarde meestal bepaald op basis van het structurele operationele resultaat van de organisatie.

In de praktijk gebeurt dat vaak volgens een eenvoudige formule:

EBITDA × multiple

EBITDA staat voor het structurele bedrijfsresultaat vóór rente, belasting en afschrijvingen. Het geeft een indicatie van de operationele kasstroom van de organisatie.

De ondernemingswaarde ontstaat vervolgens door dit resultaat te vermenigvuldigen met een factor: de multiple.

Richting 2029 verandert deze formule niet. Wat mogelijk verandert, zijn de factoren die bepalen hoe hoog die multiple wordt.

Publieke financiering 2029

Waardering van organisaties

Wanneer kinderopvangorganisaties worden verkocht of overgenomen, wordt de waarde meestal bepaald op basis van het structurele operationele resultaat van de organisatie.

In de praktijk gebeurt dat vaak volgens een eenvoudige formule:

EBITDA × multiple

EBITDA staat voor het structurele bedrijfsresultaat vóór rente, belasting en afschrijvingen. Het geeft een indicatie van de operationele kasstroom van de organisatie.

De ondernemingswaarde ontstaat vervolgens door dit resultaat te vermenigvuldigen met een factor: de multiple.

Richting 2029 verandert deze formule niet. Wat mogelijk verandert, zijn de factoren die bepalen hoe hoog die multiple wordt.

De rol van de multiple

De multiple weerspiegelt hoe aantrekkelijk en voorspelbaar een onderneming wordt ingeschat door kopers en financiers.

Factoren die daarbij een rol spelen zijn onder andere:

  • stabiliteit van kasstromen
  • voorspelbaarheid van beleid
  • groeimogelijkheden
  • mate van regulering
  • liquiditeit van de overnamemarkt

De multiple is dus geen vast getal. Zij drukt uit hoe de markt het risico en de stabiliteit van een onderneming beoordeelt.

Wat kan 2029 veranderen?

De invoering van directe financiering en een sterker publiek kader kunnen invloed hebben op hoe het risicoprofiel van de sector wordt beoordeeld.

Aan de ene kant kan een grotere rol van publieke financiering betekenen dat beleidsafhankelijkheid toeneemt. Wanneer regelgeving of rendementsvragen sterker worden meegewogen, kan dat leiden tot voorzichtigere waarderingen.

Aan de andere kant kan directe financiering zorgen voor stabielere kasstromen en minder debiteurenrisico. Dat vergroot de voorspelbaarheid van inkomsten en kan juist positief worden beoordeeld.

Het effect op de multiple is daarom niet eenduidig. De waardering van organisaties hangt uiteindelijk af van hoe de markt deze veranderingen inschat.

Een eenvoudig voorbeeld

Stel dat een kinderopvangorganisatie een structurele EBITDA realiseert van € 300.000.

Bij een multiple van 5 bedraagt de ondernemingswaarde:

€ 300.000 × 5 = € 1.500.000

Wanneer de markt het risicoprofiel iets hoger inschat en de multiple daalt naar 4,5, verandert de waarde naar:

€ 300.000 × 4,5 = € 1.350.000

De waarde van een organisatie wordt dus niet alleen bepaald door de winst zelf, maar ook door hoe het speelveld wordt beoordeeld.

Een sector in overgang

In een periode waarin het financieringssysteem verandert, kan ook de overnamemarkt tijdelijk voorzichtiger worden.

Kopers wachten soms op meer duidelijkheid over regelgeving en financiering, terwijl verkopers hun timing opnieuw overwegen. Dat leidt niet per se tot minder transacties, maar kan wel zorgen voor grotere verschillen in verwachtingen tussen kopers en verkopers.

In zo’n overgangsperiode wordt de perceptie van stabiliteit en risico vaak een belangrijk onderdeel van waardering.

Niet-DAEB activiteiten als waardeversterker 

Binnen een stelsel waarin kinderopvang een duidelijk publieke kern heeft, kan het financiële profiel van de kernopvang relatief stabiel maar ook gematigder worden ingericht.

Activiteiten buiten dat kader – zoals aanvullende diensten, pluspakketten, opleidingen of service-activiteiten – kunnen een ander risicoprofiel en groeipotentieel hebben.

Wanneer deze activiteiten duidelijk zijn gescheiden en goed georganiseerd, kan dat de totale waardering van een organisatie beïnvloeden. Niet omdat er automatisch meer winst ontstaat, maar omdat kopers beter kunnen zien waar waarde wordt gecreëerd en welke activiteiten verschillende groeidynamieken hebben.

De kernopvang vertegenwoordigt stabiliteit. Aanvullende activiteiten kunnen ondernemingsruimte en groei laten zien.

Waarde wordt daarmee niet alleen verdiend, maar ook georganiseerd.

Meer over de financiële logica van het nieuwe stelsel

De waardering van organisaties staat niet op zichzelf. Zij hangt samen met de manier waarop rendement, stabiliteit en financiering binnen het nieuwe stelsel worden beoordeeld.